De inbusbout met lage cilinderkop volgens DIN 7984 is een verzinkte boutvariant met een compacte, platte kop en een inbusaandrijving. In tegenstelling tot een inbusbout met standaard (hoge) cilinderkop is de kop van dit type extra laag uitgevoerd, waardoor je hem kunt gebruiken in verbindingen met weinig ruimte boven het bevestigingspunt. Je zet de bout vast met een inbussleutel die precies in de zeskantige opening van de kop past.
Wat de bout doet en hoe hij werkt
Een inbusbout verbindt twee of meer onderdelen door ze stevig tegen elkaar te klemmen. Het schroefdraad zorgt voor de trekkracht, terwijl de kop het geheel vastzet tegen het materiaal. Door de inbusaandrijving (intern zeskant) kun je met een inbussleutel gecontroleerd en met veel kracht aandraaien, zonder dat het gereedschap zomaar wegglijdt zoals bij een kruiskop of sleufkop kan gebeuren.
De lage cilinderkop steekt minder ver uit dan een standaard cilinderkop. Dat komt goed van pas als je een strakke, vlakke afwerking wilt of wanneer de ruimte rondom de bout beperkt is. De kopdiameter blijft toch groot genoeg om voldoende klemvlak te bieden, zodat de verbinding stevig blijft zitten.
Materiaal en sterkte
Deze bout is uitgevoerd in sterkteklasse 8.8, een veelgebruikte kwaliteit voor constructieve verbindingen die goed bestand is tegen trek- en schuifbelasting. De verzinkte afwerking beschermt het staal tegen roest en oxidatie, waardoor de bout ook geschikt is voor gebruik in vochtige of buiten gelegen omgevingen, mits niet permanent nat.
Waarvoor je hem gebruikt
- Machinebouw en metalen constructies — waar een vlakke, laag uitstekende kop gewenst is;
- Meubel- en houtconstructies — voor verbindingen die netjes weggewerkt moeten worden;
- Frames en profielen — waar de ruimte rond de bevestiging beperkt is;
- Algemene doe-het-zelf- en klusprojecten — overal waar je een sterke, verzonken bevestiging nodig hebt.
Hoe je kiest en monteert
Kies de juiste lengte en diameter op basis van de dikte van het materiaal dat je verbindt en het gat waarin de bout moet passen. Gebruik een inbussleutel met de juiste sleutelwijdte om de bout vast te draaien; een te kleine of versleten sleutel kan de zeskantopening beschadigen. Draai de bout gelijkmatig en met voldoende, maar niet overmatige kracht aan — eventueel in combinatie met een moer of een tapgat, afhankelijk van je toepassing.