Deze zeskantbout met deeldraad is gemaakt volgens de DIN 931-norm en heeft een verzinkte afwerking. Het gaat om een bout in materiaalklasse 8.8, wat wijst op een hoge treksterkte en goede mechanische belastbaarheid. De zeskantkop heeft een sleutelmaat van SW22, zodat je hem met een standaard steek- of dopsleutel vast- en losdraait.
Wat de bout doet en hoe hij werkt
Een zeskantbout met deeldraad heeft, in tegenstelling tot een bout met volledige draad, een glad schachtgedeelte tussen de kop en het draadgedeelte. Dat gladde stuk zorgt ervoor dat de bout beter bestand is tegen dwarskrachten (afschuiving), omdat het gladde schachtdeel strak in het boorgat past en zo minder speling geeft dan een volledig doorlopende schroefdraad. Het draadgedeelte zelf zorgt voor de klemkracht wanneer je de bout met een moer of in getapt materiaal vastdraait.
De verzinkte laag beschermt het staal tegen corrosie en verlengt de levensduur van de verbinding, ook bij gebruik buiten of in vochtige ruimtes. Materiaalklasse 8.8 geeft aan dat de bout stevig genoeg is voor constructieve en belaste toepassingen, zonder dat je meteen naar de zwaarste (en duurdere) klassen hoeft te grijpen.
Waarvoor je hem gebruikt
Zeskantbouten met deeldraad volgens DIN 931 worden veel toegepast in:
- Constructiewerk en staalbouw — verbindingen waarbij afschuifkrachten optreden;
- Machinebouw en werktuigbouw — waar een nauwkeurige, speling-arme bevestiging nodig is;
- Houtconstructies en balkverbindingen — in combinatie met een moer en sluitring;
- Metalen frames en profielen — voor duurzame, demonteerbare verbindingen.
Praktisch gebruik en zo kies je
Kies de lengte van de bout zo dat het gladde schachtgedeelte precies in het te verbinden materiaal valt en het draadgedeelte voldoende uitsteekt om een moer of sluitring vast te zetten. Gebruik voor het vast- en losdraaien altijd een sleutel of dop met de juiste sleutelmaat (SW22), zodat je de zeskantkop niet beschadigt. Combineer de bout bij voorkeur met een passende moer en sluitring om de klemkracht goed te verdelen en schade aan het materiaaloppervlak te voorkomen. Bij zware of trillingsgevoelige verbindingen is het verstandig om een borgring of borgmiddel toe te voegen, zodat de bout niet vanzelf losdraait.