Deze zeskantbout is een verbindingselement volgens DIN 931, uitgevoerd met deeldraad: alleen het onderste stuk van de schacht is voorzien van schroefdraad, terwijl het bovenste deel glad blijft. De bout wordt vervaardigd uit inox A2, een roestvast staal dat goed bestand is tegen vocht en corrosie. De zeskantkop maakt het mogelijk om de bout snel en stevig vast te draaien met een steeksleutel, ringsleutel of dopsleutel.
Wat deeldraad betekent en waarom je dat wilt
Bij een bout met volledige draad (DIN 933) loopt de schroefdraad helemaal door tot onder de kop. Bij deeldraad, zoals bij deze DIN 931-uitvoering, blijft een deel van de schacht glad. Dat gladde stuk zorgt ervoor dat de bout dwars op de verbinding beter bestand is tegen afschuifkrachten, omdat het volle, ongeschroefde materiaal steviger is dan het gedraaide gedeelte. Deeldraad is daarom een logische keuze bij het verbinden van dikkere plaatdelen, balken of constructies waarbij de klemlengte groter is dan het draadgedeelte nodig heeft.
Waarom inox A2
Inox A2 (ook wel aangeduid als roestvast staal 304) is een austenitisch roestvast staal dat goed bestand is tegen vocht, weersinvloeden en veel chemische stoffen uit de normale leefomgeving. Dat maakt deze bout geschikt voor gebruik binnenshuis, buiten en in vochtige ruimtes, zonder dat je snel corrosie of roestvorming krijgt. De zeskantkop is stevig uitgevoerd, zodat je voldoende aandraaimoment kunt zetten zonder dat de kop vervormt of afslijt.
Toepassingen
- Constructieve verbindingen in hout-, staal- of aluminiumbouw;
- Bevestiging van beslag, hang- en sluitwerk waar corrosiebestendigheid vereist is;
- Buitentoepassingen zoals terrassen, hekwerk, tuinconstructies en balkons;
- Machinebouw en installatiewerk in vochtige of natte omgevingen;
- Elke verbinding waarbij je een combinatie van sterkte, roestwerendheid en een nette zeskantkop nodig hebt.
Montage en gebruik
Kies altijd een steeksleutel, ringsleutel of dopsleutel die precies past op de zeskantkop, zodat je de kop niet beschadigt tijdens het aandraaien. Gebruik de bout samen met een passende moer en, indien nodig, sluitringen om de klemkracht goed te verdelen en het materiaal te beschermen. Zorg dat de klemlengte van je verbinding overeenkomt met het gladde (ongeschroefde) deel van de bout, zodat het draadgedeelte niet in de verbinding zelf hoeft te grijpen. Draai de bout gelijkmatig en met een geschikt aandraaimoment vast, zodat de verbinding stevig maar niet overbelast wordt.